Werkpakket 1

Het gebruik van op dieren gebaseerde waarschuwingssignalen op de boerderij om uitbraken van beschadigend gedrag te voorspellen

Taak 1.1: (Leider: WLR, partners: FiBL, INRA, FBN, DMRI) Ogen van de veehouder

De veehouder speelt een cruciale rol bij het vroegtijdig signaleren van gedragsproblemen. Er zullen Farmer Focusgroepen worden opgericht in de deelnemende landen van het project. Zij zullen bestaande protocollen voor visuele waarnemingen van schadelijk gedrag (FareWellDock en EUWelNet-resultaten) bespreken en verbeteren. Hiervoor zal gebruik worden gemaakt van twee tot drie bijeenkomsten. De protocollen worden vervolgens getest op 2 bedrijven van focusgroepleden in elk deelnemend land. Dagelijkse waarnemingen volgens het protocol zullen door de veehouders op de deelnemende bedrijven worden uitgevoerd en de resultaten zullen in de focusgroepen worden besproken.

Taak 1.2 (Leider: INRA, partners: CEA, FBN) Geautomatiseerde beoordeling van beschadigend gedrag op de boerderij

Het hoofddoel van deze taak is het ontwikkelen van geautomatiseerde technieken die gebaseerd zijn op het gebruik van sensoren om activiteitspatronen te detecteren die kunnen wijzen op beschadigend gedrag, of dit kunnen voorspellen. Tien dieren worden voorzien van oormerken met een bewegingssensor en worden door videocamera’s geobserveerd. Ze zullen onder gangbare omstandigheden gehouden worden en tijdelijk gemengd worden met andere varkens om agressie uit te lokken. Gedragswaarnemingen die via videocamera’s worden verkregen, worden vergeleken met de sensorgegevens, zodat formules kunnen worden ontwikkeld om sensorgegevens en videowaarnemingen met elkaar te vergelijken. Er zal gebruik worden gemaakt van voorspellend gedrag dat door de varkenshouders in T1.1 wordt benadrukt. Ten slotte zal de methode gevalideerd worden  in groepen vleesvarkens in een experimentele setting, zodat de rekenregels kunnen worden aangepast en afgerond.

Taak 1.3 (Leider: INRA, partner: FiBL) Automatisch beoordeling van letsel op het bedrijf

Er zal een automatische techniek worden ontwikkeld op basis van digitale beelden van varkens met behulp van een multi-spectrum camera. Deze camera zal tegelijkertijd zes verschillende kleurenfoto’s maken waarmee de aanwezigheid van bloed en daarmee nieuwe laesies kunnen worden gedetecteerd. Het zal andere verkleuringen negeren, bijvoorbeeld door bevuiling. Er zal een prototype van de multi-spectrum camera worden gebouwd, zodat het in de stal kan worden gebruikt. We zullen een goede detectie van de laesies valideren. Ten tweede optimaliseren we de basisinstellingen: afstand tussen camera en dier, positie van het dier. Ten derde zullen we rekenregels ontwikkelen en valideren voor de automatische beoordeling van de laesies, met als output de aan- of afwezigheid van laesies, hun locatie en het percentage van het lichaamsoppervlak dat laesies vertoont zoals de aanwezigheid van bloed aan het licht brengt.

Taak 1.4 (Leider: FiBL, partners: INRA, WLR, DMRI, FBN) Toepassing op het bedrijf in alle deelnemende landen

De Farmer Focusgroepen zullen uniforme verspreidingsmaterialen ontwikkelen met duidelijke en praktische instructies en foto’s over het herkennen van vroege signalen voorafgaand aan staartbijten en agressie. Deze instructies zijn voornamelijk gebaseerd op het werk in Taak 1.1, maar bevatten ook beschrijvingen van de in Taak 1.2 en Taak 1.3 ontwikkelde technologieën. Ze worden geschreven in het Engels en de talen van de focusgroepen (FR, DE, DK, NL). Vervolgens worden alle deelnemende boeren getraind in het gebruik van het protocol “het oog van de boer” (T1.1). Daarnaast krijgen in Zwitserland twee varkenshouders instructies over de laesiescore-technologie (T1.3) en in Duitsland twee varkenshouders instructies over de toepassing van het gedragsscoringssysteem (T1.2). Alle protocollen worden over een periode van één jaar toegepast en de resultaten worden binnen de respectievelijke focusgroepen besproken. Naast de op het bedrijf uitgevoerde beoordelingen van WP1 zullen de resultaten van het slachthuis uit T2.2 en T2.3 worden opgenomen in de deelnemersgroepen van respectievelijk CH en NL+DK. Deze resultaten zullen ook worden gedeeld tussen de focusgroepen van PigWatch.